Waarom beloont de overheid elektrisch laden?
De overheid beloont elektrisch laden omdat het direct bijdraagt aan de reductie van CO2-uitstoot in de transportsector. Bedrijven en particulieren die elektriciteit leveren aan elektrische voertuigen kunnen aanspraak maken op financiële vergoedingen via het ERE-systeem, en zakelijke rijders profiteren daarnaast van fiscale voordelen. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over subsidies, HBE’s en de toekomst van overheidssteun voor elektrisch laden.

Welke financiële voordelen geeft de overheid voor elektrisch laden?
De overheid biedt verschillende financiële voordelen voor elektrisch laden: via het ERE-systeem kunnen bedrijven verhandelbare eenheden genereren door elektriciteit te leveren aan voertuigen, en zakelijke rijders profiteren van gunstige bijtellingspercentages en subsidies op laadinfrastructuur. Samen maken deze instrumenten de overstap naar elektrisch rijden financieel aantrekkelijker voor zowel werkgevers als werknemers.
De belangrijkste financiële voordelen op een rij:
- ERE-vergoeding: bedrijven die elektriciteit leveren aan elektrische voertuigen genereren Eenheden Hernieuwbare Energie (ERE’s) die verhandelbaar zijn op de markt.
- Lage bijtelling: volledig elektrische auto’s kennen een gunstige fiscale bijtelling ten opzichte van conventionele brandstofauto’s.
- STEK-subsidie: subsidie voor de aanschaf en installatie van laadinfrastructuur voor zakelijke gebruikers.
- Btw-voordelen: zakelijke gebruikers kunnen de btw op laadpalen en installatie terugvorderen.
- MIA/Vamil-regeling: milieu-investeringsaftrek voor bedrijven die investeren in duurzame bedrijfsmiddelen, waaronder laadinfrastructuur.
De combinatie van deze regelingen kan de totale investering in laadinfrastructuur aanzienlijk verlagen en de terugverdientijd verkorten. Voor zakelijke gebruikers is het dan ook verstandig om de volledige beschikbare diensten en regelingen in kaart te brengen voordat ze een investeringsbeslissing nemen.
Wat zijn HBE’s en hoe leveren ze geld op?
Een HBE, ofwel Hernieuwbare Brandstofeenheid, was tot en met 2025 de standaardeenheid voor hernieuwbare energie die aan de vervoersmarkt werd geleverd. Eén HBE vertegenwoordigde één gigajoule (GJ) hernieuwbare energie, ingeboekt in het Register Energie voor Vervoer (REV). Bedrijven die elektriciteit leverden aan elektrische voertuigen konden HBE’s genereren en vervolgens verkopen aan brandstofbedrijven die een wettelijke verplichting hebben om een bepaald aandeel hernieuwbare energie in te zetten.
Vanaf 1 januari 2026 is het HBE-systeem vervangen door het ERE-systeem (Eenheden Hernieuwbare Energie). De kern van het mechanisme blijft vergelijkbaar: wie elektriciteit levert aan voertuigen, genereert verhandelbare eenheden die geld waard zijn.
Hoe werkt het ERE-systeem in de praktijk?
In het ERE-systeem wordt de hoeveelheid gegenereerde eenheden berekend op basis van de geleverde kilowatturen. Voor netstroom geldt in 2026 het volgende: het aantal ERE-E is gelijk aan de levering in kWh, vermenigvuldigd met het netgemiddelde hernieuwbare aandeel (50,5% in 2026), vermenigvuldigd met een omrekeningsfactor. Concreet levert 2.000 kWh netstroom in 2026 circa 666 ERE-E op.
Bedrijven die kunnen aantonen dat de geleverde elektriciteit volledig hernieuwbaar is, profiteren van een hogere beloning. Dit is mogelijk als de opwek plaatsvindt op dezelfde locatie als de levering, of via een directe lijn, en als er een Garantie van Oorsprong beschikbaar is zonder exploitatiesubsidie. In dat geval telt 100% van de geleverde kWh mee in plaats van het netgemiddelde van 50,5%.
Wat is de waarde van een ERE?
De prijs van een ERE is niet vastgesteld door de overheid; het is een marktprijs die fluctueert op basis van vraag en aanbod. Historisch gezien schommelde de prijs van de voorganger (HBE) ruwweg tussen 7 en 19 eurocent per eenheid, met een driejarig gemiddelde van circa 12 eurocent. Marktanalisten verwachten dat de sectorsturing in het nieuwe ERE-systeem de waarde van ERE-E in de sector land kan verhogen, al blijft dit een prognose. Het is dus geen gegarandeerde opbrengst, maar een marktgedreven vergoeding.
Waarom stimuleert de overheid elektrisch laden financieel?
De overheid stimuleert elektrisch laden financieel omdat de transportsector een van de grootste bronnen van CO2-uitstoot in Nederland is, en elektrificatie van het wagenpark een essentieel onderdeel vormt van de klimaatdoelstellingen. Zonder financiële prikkels zou de overstap voor veel bedrijven te kostbaar zijn om snel te realiseren.
De juridische basis ligt in Europese klimaatrichtlijnen, met name RED III (Richtlijn (EU) 2023/2413), onderdeel van het “Fit for 55”-pakket. Nederland heeft gekozen voor een aanpak waarbij de CO2-ketenemissie in de vervoerssector stapsgewijs moet worden gereduceerd. Voor de sector land (wegvervoer) geldt in 2026 een reductieverplichting van 14,4%, oplopend naar 27,1% in 2030.
Om deze doelstellingen te halen, heeft de overheid een systeem ingericht waarbij brandstofbedrijven verplicht zijn een bepaald aandeel hernieuwbare energie in te zetten. Zij kunnen ERE’s kopen van partijen die groene energie leveren aan voertuigen, waaronder aanbieders van laadinfrastructuur. Dit creëert een markt waardoor het financieel aantrekkelijk wordt om te investeren in elektrisch laden. De overheid stuurt dus niet alleen via directe subsidies, maar ook via een marktmechanisme dat de juiste prikkels geeft aan alle spelers in de keten.
Welke subsidies zijn beschikbaar voor zakelijke laadpalen?
Voor zakelijke laadpalen zijn in 2026 meerdere subsidieregelingen beschikbaar, afhankelijk van het type organisatie en de locatie van de laadinfrastructuur. De voornaamste regelingen richten zich op de aanschaf, installatie en het beheer van laadpunten voor bedrijven, vastgoedeigenaren en gemeenten.
De meest relevante regelingen voor zakelijke gebruikers zijn:
- STEK-subsidie (Subsidieregeling Thuisladen voor Elektrische rijders en hun Kennissen): gericht op werkgevers die laadpalen installeren bij werknemers thuis. De werkgever kan via een B2B2C-constructie de kosten vergoeden en subsidie aanvragen.
- MIA (Milieu-investeringsaftrek): zakelijke investeerders kunnen een percentage van de investering in laadinfrastructuur aftrekken van de fiscale winst, bovenop de reguliere afschrijving.
- Vamil (Willekeurige afschrijving milieu-investeringen): bedrijven mogen bepaalde milieu-investeringen, waaronder laadpalen, versneld afschrijven, wat een liquiditeitsvoordeel oplevert.
- Btw-aftrek: bedrijven kunnen de btw op de aanschaf en installatie van laadpalen volledig terugvorderen als de laadpaal zakelijk wordt gebruikt.
- Gemeentelijke en provinciale regelingen: diverse gemeenten en provincies bieden aanvullende subsidies of leningen voor laadinfrastructuur, met name voor mkb-bedrijven.
Het is belangrijk om te weten dat subsidieregelingen periodiek worden aangepast of stopgezet. Controleer altijd de actuele voorwaarden via RVO of de relevante overheidsinstantie voordat u een aanvraag indient. Combinaties van regelingen zijn vaak mogelijk, maar vereisen zorgvuldige planning om dubbele subsidiering te voorkomen.
Hoe lang blijven deze overheidsvoordelen beschikbaar?
De overheidsvoordelen voor elektrisch laden zijn in de komende jaren gegarandeerd via Europese wetgeving, maar de exacte invulling van subsidies en fiscale regelingen kan jaarlijks worden aangepast. Het ERE-systeem loopt wettelijk door tot en met 2030, wat betekent dat de kern van het financiële mechanisme voor het genereren van verhandelbare eenheden stabiel is voor de middellange termijn.
De reductiedoelstellingen voor de vervoerssector worden bovendien steeds strenger: van 14,4% in 2026 naar 27,1% in 2030 voor de sector land. Dit betekent dat de vraag naar ERE’s naar verwachting toeneemt, wat positief kan uitpakken voor de marktwaarde van de eenheden die laadpuntexploitanten genereren.
Fiscale voordelen zoals de bijtellingsregeling en de MIA/Vamil worden periodiek herzien door het kabinet. De bijtelling voor volledig elektrische auto’s is al meerdere keren aangepast en kan in de toekomst verder worden bijgesteld naarmate elektrisch rijden de norm wordt in plaats van de uitzondering. Het is dan ook verstandig om investeringsbeslissingen niet alleen te baseren op de huidige voordelen, maar ook rekening te houden met de richting van het overheidsbeleid op langere termijn.
Wat wél vaststaat: de transitie naar emissievrij vervoer is onomkeerbaar in het Nederlandse en Europese beleid. De financiële voordelen zijn er nu juist om vroege investeerders te belonen en de transitie te versnellen. Wie nu investeert, profiteert van de huidige voordelen én bouwt ervaring op die in de toekomst steeds waardevoller wordt.
Hoe NXT Mobility u helpt bij elektrisch laden en overheidsvoordelen
Wij begrijpen dat de combinatie van subsidies, ERE-regelingen en fiscale voordelen overweldigend kan zijn. NXT Mobility ontzorgt u van A tot Z, zodat u geen voordeel misloopt en de transitie naar elektrisch laden soepel verloopt.
Wat we voor u doen:
- Gratis adviesgesprek over de financiële mogelijkheden voor uw specifieke situatie.
- Begeleiding bij subsidieaanvragen, inclusief STEK, MIA en Vamil.
- Volledige ontzorging via onze ERE-inboekdienst, zodat u optimaal profiteert van verhandelbare eenheden.
- Installatie van laadpalen op kantoorlocaties én bij werknemers thuis via B2B2C-constructies.
- Doorlopend beheer, onderhoud en administratieve afwikkeling van vergoedingen.
- Strategisch wagenparkadvies afgestemd op uw organisatie en toekomstige regelgeving.
Of u nu één laadpaal zoekt voor een werknemer thuis of een complete laadinfrastructuur voor uw wagenpark wilt realiseren: wij staan voor u klaar. Neem contact op voor een vrijblijvend gesprek en ontdek welke overheidsvoordelen voor uw organisatie beschikbaar zijn.