Welke partijen zijn actief op de HBE markt?

Op de HBE-markt zijn verschillende soorten partijen actief: brandstofleveranciers met een wettelijke verplichting, bedrijven die vrijwillig HBE’s genereren en inboekers zoals laadpaalexploitanten en transportbedrijven die elektriciteit leveren aan het wegvervoer. De markt draait om het systeem van Hernieuwbare Brandstofeenheden (HBE’s), waarbij aanbod en vraag samenkomen via het Register Energie voor Vervoer (REV), beheerd door de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa). In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over de HBE regeling en wie daarin welke rol speelt.

Wie mogen HBE’s genereren en verhandelen?

Zowel verplichte als vrijwillige marktdeelnemers mogen HBE’s genereren en verhandelen. Verplichte deelnemers zijn brandstofleveranciers die benzine, diesel of zware stookolie leveren aan het vervoer. Vrijwillige inboekers zijn bedrijven zonder jaarverplichting die hernieuwbare energie leveren, zoals exploitanten van laadinfrastructuur of leveranciers in de scheepvaart en luchtvaart.

Concreet zijn de volgende partijen actief als generator van HBE’s op de markt:

  • Brandstofleveranciers die benzine, diesel of zware stookolie aan het vervoer leveren en een jaarverplichting hebben
  • Laadpaalexploitanten die elektriciteit leveren aan elektrische voertuigen op de openbare weg
  • Transportbedrijven die elektriciteit gebruiken voor hun eigen elektrische vrachtauto’s of bestelbussen
  • Leveranciers van hernieuwbare brandstoffen zoals biobrandstoffen uit afval, residuen of landbouwgewassen
  • Inboekers in de binnenvaart en zeevaart die hernieuwbare energie leveren in die sectoren

Particulieren kunnen niet zelfstandig deelnemen. Zij kunnen uitsluitend via een erkende inboekdienstverlener HBE’s laten genereren op basis van hun thuislaadverbruik. Begin 2026 waren er circa 21 geregistreerde inboekdienstverleners bij de NEa actief.

Hoe werkt de handel in HBE’s tussen marktpartijen?

De handel in HBE’s vindt plaats via het Register Energie voor Vervoer (REV), het officiële systeem van de NEa. Partijen die meer HBE’s genereren dan ze zelf nodig hebben, kunnen deze verkopen aan partijen met een tekort. De prijs wordt bepaald door vraag en aanbod op de vrije markt, zonder vaste overheidsvergoeding.

Het mechanisme werkt als volgt: een bedrijf dat hernieuwbare energie levert aan het vervoer, boekt deze energie in via het REV. De NEa kent daarvoor een bepaald aantal HBE’s toe, afhankelijk van het type brandstof en de toepasselijke vermenigvuldigingsfactoren. Vervolgens kan het bedrijf deze HBE’s zelf inzetten om aan zijn jaarverplichting te voldoen, of ze verkopen aan een andere marktpartij die dat nodig heeft.

Historisch schommelde de prijs per HBE ruwweg tussen 7 en 19 euro, met een driejarig gemiddelde van circa 12 euro. Het is geen subsidiesysteem: de waarde van een HBE wordt volledig bepaald door de markt. Bedrijven die slim inspelen op het systeem, door tijdig in te boeken en strategisch te verhandelen, kunnen de businesscase voor elektrisch rijden aanzienlijk versterken.

Belangrijk om te weten: per 1 januari 2026 is het HBE-systeem vervangen door het ERE-systeem (Emissiereductie-eenheden), gebaseerd op de Europese RED III-richtlijn. De resterende HBE-saldi zijn omgezet naar ERE’s via de omrekenregel 1 HBE = 46 ERE. De handelslogica blijft vergelijkbaar, maar de grondslag verschuift van energie-inhoud naar CO2-ketenemissiereductie. Meer hierover lees je op de pagina over de ERE regeling.

Welke rol spelen transportbedrijven op de HBE-markt?

Transportbedrijven spelen een dubbele rol op de HBE-markt: als afnemer van HBE’s wanneer ze een jaarverplichting hebben als brandstofleverancier, en als generator wanneer ze elektriciteit inzetten voor hun eigen elektrische voertuigen. Juist voor transportbedrijven die elektrificeren, biedt het systeem een aantrekkelijke financiële prikkel.

Een transportbedrijf dat zijn vrachtauto’s of bestelbussen elektrisch rijdt, levert feitelijk hernieuwbare energie aan het vervoer. Die elektriciteit kan worden ingeboekt in het REV, wat HBE’s oplevert die vervolgens verhandeld kunnen worden. Dit verlaagt de totale kosten van elektrisch rijden en versterkt de businesscase voor de aanschaf van elektrische voertuigen.

Voor transportbedrijven die boven de drempel van 2 miljoen kWh per jaar zitten, is zelfstandig inboeken mogelijk. Kleinere bedrijven werken samen met een inboekdienstverlener. In beide gevallen geldt dat de administratieve en technische vereisten, zoals MID-gecertificeerde meters en registratie in het Centraal Aansluitingenregister, correct moeten zijn ingericht om aanspraak te maken op de vergoeding.

Wie zijn verplicht om HBE’s in te leveren?

Bedrijven met een jaarverplichting zijn verplicht om jaarlijks voor 1 mei een bepaald aantal HBE’s in te leveren bij de NEa. Dit zijn uitsluitend brandstofleveranciers die benzine, diesel of zware stookolie leveren aan de Nederlandse vervoersmarkt. Andere bedrijven nemen vrijwillig deel en hebben geen inleverplicht.

De omvang van de verplichting steeg de afgelopen jaren sterk. In 2022 bedroeg het verplichte aandeel hernieuwbare energie nog 17,9 procent, wat neerkwam op ruim 74 miljoen HBE’s. In 2024 was dit al opgelopen naar 28,4 procent, met een benodigde hoeveelheid van circa 117 miljoen HBE’s. Deze stijging vloeide voort uit een kabinetsbesluit uit 2023 om de hoeveelheid hernieuwbare energie in het wegvervoer met 20 petajoule te verhogen.

Naast de jaarverplichting gold ook een reductieverplichting: brandstofleveranciers moesten aantonen dat de CO2-uitstoot van de geleverde brandstoffen minimaal 6 procent lager lag dan het referentieniveau van 2010. Bedrijven die niet aan hun verplichting voldoen, riskeren handhavingsmaatregelen van de NEa.

Hoe kunnen bedrijven starten met HBE’s genereren?

Bedrijven starten met het genereren van HBE’s door hernieuwbare energie te leveren aan het vervoer en deze in te boeken in het Register Energie voor Vervoer via de NEa. De eerste stap is bepalen of je zelfstandig kunt inboeken of via een inboekdienstverlener moet werken, afhankelijk van het jaarlijkse leveringsvolume.

De praktische stappen zijn:

  1. Bepaal je volume: Lever je meer dan 2 miljoen kWh per jaar? Dan mag je zelfstandig inboeken. Zit je daaronder, dan werk je samen met een erkende inboekdienstverlener.
  2. Zorg voor de juiste meetinfrastructuur: Voor elektriciteit is een MID-gecertificeerde meter vereist. De laadpaal of het laadpunt moet correct geregistreerd staan.
  3. Registreer je in het Centraal Aansluitingenregister: Dit is een vereiste om elektriciteit in aanmerking te laten komen voor inboeking.
  4. Machtig een inboekdienstverlener (indien van toepassing): Een machtiging geldt voor minimaal een heel kalenderjaar. Overstappen naar een andere aanbieder kan pas vanaf het volgende kalenderjaar.
  5. Boek in via het REV: Na registratie en verificatie worden de HBE’s of ERE’s bijgeschreven op je account, waarna je ze kunt inzetten of verhandelen.

Let op: voor 100 procent hernieuwbare beloning van elektriciteit is het nodig dat de opwek plaatsvindt op dezelfde locatie als de levering, of via een directe lijn, en dat er een Garantie van Oorsprong niet-netlevering beschikbaar is zonder exploitatiesubsidie. Elektriciteit die via het net wordt geleverd, telt mee voor het netgemiddelde, dat in 2026 op 50,5 procent hernieuwbaar staat.

Hoe wij helpen met de HBE regeling

De HBE regeling, en de overgang naar het ERE-systeem, brengt kansen met zich mee voor bedrijven die elektrisch rijden of hun wagenpark willen elektrificeren. Maar de administratieve en technische vereisten zijn complex. Wij ontzorgen organisaties volledig in dit proces, van advies tot implementatie.

Wat wij voor je doen:

  • Wagenparkanalyse: We brengen je huidige wagenpark en energieverbruik in kaart en berekenen de potentiële opbrengst uit het HBE- of ERE-systeem
  • Laadinfrastructuur: We installeren de juiste laadoplossingen met MID-gecertificeerde meters, zodat je elektriciteit direct in aanmerking komt voor inboeking
  • HBE-dienstverlening: We begeleiden je door de volledige administratie, certificering en het inboekproces, inclusief het verhandelen van gegenereerde eenheden
  • Financiële optimalisatie: We versterken de businesscase voor elektrisch rijden door de opbrengsten uit het ERE-systeem te maximaliseren

Of je nu een transportbedrijf bent dat zijn vloot wil elektrificeren, een locatie-eigenaar die laadpalen wil plaatsen, of een organisatie die grip wil krijgen op de regelgeving: wij helpen je van begin tot eind. Neem contact op voor een vrijblijvend adviesgesprek.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een HBE en een ERE, en wat betekent de overgang voor mijn bedrijf?

Een HBE (Hernieuwbare Brandstofeenheid) was gebaseerd op de energie-inhoud van geleverde hernieuwbare brandstof, terwijl een ERE (Emissiereductie-eenheid) is gebaseerd op de daadwerkelijke CO2-ketenemissiereductie conform de Europese RED III-richtlijn. Per 1 januari 2026 zijn resterende HBE-saldi automatisch omgezet naar ERE's via de verhouding 1 HBE = 46 ERE. Voor de meeste bedrijven verandert de praktische handelslogica weinig, maar de berekening van de eenheden en de onderliggende rapportagevereisten zijn complexer geworden.

Kan ik als kleine ondernemer of zzp'er ook profiteren van het systeem als ik een elektrische bedrijfsauto rijd?

Ja, ook als kleine ondernemer kun je profiteren, maar je kunt niet zelfstandig inboeken als je onder de drempel van 2 miljoen kWh per jaar zit. Je werkt dan samen met een erkende inboekdienstverlener, die namens jou de elektriciteit inboekt in het REV en de gegenereerde ERE's verhandelt. De opbrengst wordt vervolgens met jou gedeeld, afhankelijk van de afspraken met de dienstverlener. Het loont dus om offertes van meerdere inboekdienstverleners te vergelijken.

Wat zijn de meest voorkomende fouten die bedrijven maken bij het starten met inboeken?

De meest gemaakte fouten zijn: het ontbreken van een MID-gecertificeerde meter op de laadpaal, een onjuiste of ontbrekende registratie in het Centraal Aansluitingenregister, en het te laat machtigen van een inboekdienstverlener waardoor een heel kalenderjaar verloren gaat. Daarnaast onderschatten veel bedrijven de documentatievereisten rondom Garanties van Oorsprong voor 100 procent hernieuwbare beloning. Een goede voorbereiding vóór de installatie van laadinfrastructuur voorkomt dure vertragingen achteraf.

Hoe bepaal ik of het financieel aantrekkelijk is om te starten met inboeken?

De financiële aantrekkelijkheid hangt af van drie factoren: het volume aan geleverde hernieuwbare elektriciteit, de actuele marktprijs per ERE, en de kosten van de benodigde infrastructuur en administratie. Als vuistregel geldt dat hoe groter het laadvolume, hoe sterker de businesscase. Een wagenparkanalyse waarbij je huidig en toekomstig laadverbruik wordt doorgerekend tegen de verwachte ERE-opbrengsten geeft snel inzicht in de terugverdientijd en het nettopotentieel.

Mag ik van inboekdienstverlener wisselen als ik niet tevreden ben?

Ja, wisselen is mogelijk, maar niet op elk moment. Een machtiging aan een inboekdienstverlener geldt voor minimaal één volledig kalenderjaar. Wil je overstappen naar een andere aanbieder, dan kan dat pas per 1 januari van het volgende jaar. Het is daarom belangrijk om bij de keuze van een dienstverlener goed te letten op de contractvoorwaarden, de hoogte van de afdracht en de kwaliteit van de administratieve ondersteuning.

Telt elektriciteit die ik via het openbare net laad altijd volledig mee als hernieuwbaar?

Nee, niet automatisch. Elektriciteit geleverd via het openbare net telt mee voor het zogenoemde netgemiddelde, dat in 2026 op 50,5 procent hernieuwbaar staat. Alleen de helft van het laadvolume wordt dan als hernieuwbaar beschouwd. Voor 100 procent hernieuwbare beloning moet de opwek plaatsvinden op dezelfde locatie als de levering (of via een directe lijn), én moet er een Garantie van Oorsprong beschikbaar zijn zonder exploitatiesubsidie. Dit is een belangrijk aandachtspunt bij het ontwerp van je laadinfrastructuur.

Wat gebeurt er als een brandstofleverancier zijn jaarverplichting niet haalt?

Brandstofleveranciers die hun jaarverplichting niet tijdig nakomen, riskeren handhavingsmaatregelen van de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa). Dit kan oplopen tot bestuurlijke boetes of andere sancties. De deadline voor het inleveren van de vereiste eenheden is jaarlijks 1 mei. Bedrijven die dreigen tekort te komen, kunnen HBE's of ERE's aankopen van andere marktpartijen via het REV om alsnog aan hun verplichting te voldoen.