Hoe profiteert een tankstation van de ERE regeling?
Een tankstation profiteert van de ERE regeling door Emissiereductie-eenheden (ERE’s) te genereren met de elektriciteit die het levert aan elektrische voertuigen. Die ERE’s zijn verhandelbaar op de markt en leveren directe financiële opbrengsten op. Zo wordt de investering in laadinfrastructuur niet alleen maatschappelijk zinvol, maar ook commercieel aantrekkelijk. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over de ERE regeling voor tankstations, van de basisprincipes tot de praktische aanpak. Bekijk ook onze diensten voor duurzame mobiliteit voor een compleet overzicht van wat er mogelijk is.
Wat houdt de ERE regeling precies in?
De ERE regeling is het Nederlandse systeem waarbij bedrijven Emissiereductie-eenheden verdienen door hernieuwbare energie te leveren aan vervoer. Elke ERE vertegenwoordigt een meetbare CO2-ketenemissiereductie. Het systeem vervangt per 1 januari 2026 het oude HBE-systeem en is gebaseerd op de Europese Renewable Energy Directive III (RED III).
De fundamentele verandering ten opzichte van het vorige systeem is de meetmethode. Waar het HBE-systeem stuurde op de energie-inhoud van geleverde hernieuwbare energie, stuurt het ERE-systeem op de werkelijke CO2-ketenemissiereductie van productie tot verbranding. Dit sluit aan bij de bredere Europese klimaatdoelstellingen uit het “Fit for 55”-pakket.
De wettelijke grondslag ligt in de Wet milieubeheer, uitgewerkt in het Besluit energie vervoer en de Regeling energie vervoer. Wetsvoorstel 36.766 werd door de Tweede Kamer aangenomen op 2 oktober 2025 en door de Eerste Kamer op 31 maart 2026. De wet is gepubliceerd als Staatsblad 2026, nr. 83 en werkt terug tot 1 januari 2026.
Voor tankstations die elektriciteit leveren aan elektrische voertuigen, is de berekening van ERE’s concreet. Voor netstroom in 2026 geldt: het aantal ERE’s is gelijk aan de geleverde kilowattuur vermenigvuldigd met 0,505 (het netgemiddelde hernieuwbare aandeel van 50,5%), vermenigvuldigd met 183 g/MJ en 3,6 MJ/kWh, gedeeld door 1.000. Een rekenvoorbeeld van de NEa: 2.000 kWh netstroom levert in 2026 circa 666 ERE’s op. Wie op de leveringslocatie zelf 100% hernieuwbare stroom opwekt, laat de factor 0,505 weg en ontvangt meer ERE’s per geleverde kilowattuur.
Welke voordelen levert de ERE regeling op voor tankstations?
De ERE regeling levert tankstations een directe financiële opbrengst op via de verkoop van gegenereerde ERE’s op de vrije markt. Bedrijven met een brandstoftransitieverplichting zijn verplicht jaarlijks voldoende ERE’s in te leveren en kopen ze op bij inboekers. Voor een tankstation met laadinfrastructuur is dit een structurele extra inkomstenstroom bovenop de reguliere omzet.
De voordelen zijn concreet en veelzijdig:
- Extra inkomsten: Elke geleverde kilowattuur aan elektrische voertuigen genereert verhandelbare ERE’s met een marktwaarde.
- Sterkere businesscase voor laadinfrastructuur: De ERE-opbrengsten verlagen de terugverdientijd van investeringen in laadpalen aanzienlijk.
- Concurrentiepositie: Tankstations met laadmogelijkheden trekken een groeiende groep elektrische rijders aan die ook andere aankopen doen.
- Duurzaam imago: Actieve deelname aan de ERE regeling toont maatschappelijke betrokkenheid en versterkt het merk.
- Hogere ERE-opbrengst bij eigen opwek: Wie zonnepanelen op het dak heeft en de stroom direct aan voertuigen levert via een directe lijn of op hetzelfde WOZ-object, ontvangt de volledige 100% hernieuwbare beloning in plaats van het netgemiddelde.
Daarnaast zijn er jaarlijkse deadlines die goed gemanaged moeten worden: brandstofleveringen registreren voor 1 maart, voldoende ERE’s op rekening hebben voor 1 april, en verificatie registreren voor 1 mei. Deze verplichtingen gelden voor het eerst in 2027 over de leveringen van 2026.
Hoe vraagt een tankstation de ERE status aan?
Een tankstation vraagt de ERE status aan door zich te registreren bij de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) als inboeker in het Register Energie voor Vervoer (REV). Of dit zelfstandig kan of via een inboekdienstverlener moet, hangt af van het jaarlijkse leveringsvolume aan elektriciteit voor vervoer.
De drempelwaarde is bepalend voor de route:
- Minder dan 2 miljoen kWh per jaar: Het tankstation boekt in via een erkende inboekdienstverlener. Begin 2026 waren circa 21 inboekdienstverleners bij de NEa geregistreerd.
- 2 miljoen kWh of meer per jaar: Het tankstation mag zelfstandig inboeken als zelfstandig leverancier, mits ingeschreven bij de KvK.
Ongeacht de gekozen route gelden een aantal vaste vereisten. De meter aan de laadpaal moet MID-gecertificeerd zijn conform de Metrologiewet en zich aan de laadpaal bevinden. Bestaande situaties met een MID-meter buiten de laadpaal mogen in 2026 nog worden gebruikt, maar per 1 januari 2027 is dit niet meer toegestaan. Verder moet het tankstation als aangeslotene in de zin van de Energiewet zijn geregistreerd. Wie zelfstandig inboekt, is ook verplicht jaarlijks een inboekverificatie te laten uitvoeren door een geaccrediteerde, onafhankelijke verificateur.
Welke investeringen zijn nodig om aan de ERE eisen te voldoen?
Om aan de ERE eisen te voldoen, heeft een tankstation minimaal MID-gecertificeerde laadpalen met een correcte meter aan het laadpunt nodig, plus een geldige aansluiting conform de Energiewet. De omvang van de verdere investering hangt sterk af van de ambities en de huidige situatie op de locatie.
De meest voorkomende investeringen zijn:
- MID-gecertificeerde laadpalen: Dit is een harde eis. Laadpalen zonder gecertificeerde meter op de juiste locatie voldoen niet aan de ERE-registratie-eisen vanaf 2027.
- Netverzwaring of batterijopslag: Snelladers vragen veel vermogen. Op locaties met beperkte netcapaciteit is een batterijopslagsysteem, zoals de ChargeBox van ADS-TEC Energy, een oplossing die ultrasnelladen mogelijk maakt zonder zware netbelasting.
- Zonnepanelen: Wie eigen hernieuwbare stroom opwekt en direct aan voertuigen levert, ontvangt een hogere ERE-beloning. De investering in zonnepanelen kan daarmee sneller worden terugverdiend.
- Administratieve inrichting: Registratie bij de NEa, een machtiging aan een inboekdienstverlener of eigen inboeksoftware, en jaarlijkse verificatie door een geaccrediteerde partij.
Een aandachtspunt bij de financiële planning is de spaarlimiet voor ERE’s. Een saldo van 45.000 ERE’s of minder kan altijd worden gespaard. Daarboven geldt dat een inboeker maximaal 4% van de in het afgelopen jaar bijgeschreven ERE’s mag sparen. ERE’s boven de spaarlimiet vervallen automatisch op 1 april. Het is dus zaak om de gegenereerde ERE’s actief te beheren en tijdig te verhandelen.
Hoe combineert een tankstation de ERE regeling met snelladen?
Een tankstation combineert de ERE regeling met snelladen door de geleverde kilowatturen via snellaadpunten direct in te boeken als ERE’s. Hoe hoger het laadvolume, hoe meer ERE’s er worden gegenereerd. Snelladen en de ERE regeling versterken elkaar daarmee rechtstreeks: meer laadgebruik leidt tot meer ERE-opbrengsten.
Hoogvermogen snelladers zijn bij uitstek geschikt voor de ERE-strategie van een tankstation, omdat ze per tijdseenheid veel meer kilowatturen leveren dan een reguliere laadpaal. Elke geleverde kilowattuur telt mee in de berekening. Op drukke locaties zoals tankstations, waar rijders kort stoppen, is snelladen ook logistiek de meest passende oplossing.
De combinatie is ook interessant vanuit het perspectief van eigen opwek. Als het tankstation zonnepanelen heeft en de opgewekte stroom via een directe lijn of op hetzelfde WOZ-object levert aan de snelladers, ontvangt het de volledige 100% hernieuwbare beloning. Dit vereist wel een Garantie van Oorsprong niet-netlevering, overgeboekt naar het NEa-account, zonder exploitatiesubsidie. Elektriciteit uit biomassa of biogas telt in dit verband niet als 100% hernieuwbaar.
Op locaties waar netcongestie snelladen bemoeilijkt, biedt batterijopslag een praktische uitweg. Een batterijsysteem laadt op in de daluren en levert het opgeslagen vermogen bij piekvraag aan de snelladers. De geleverde kilowatturen worden gewoon ingeschreven als ERE’s, ongeacht of ze direct van het net of via de batterij komen.
Hoe NXT Mobility tankstations helpt met de ERE regeling
Wij bij NXT Mobility begeleiden tankstations en andere locatie-eigenaren van begin tot eind bij de ERE regeling en de bijbehorende laadinfrastructuur. Onze aanpak is integraal: van een gratis adviesgesprek over de haalbaarheid tot de installatie van gecertificeerde laadpalen en de volledige administratieve ontzorging rondom de ERE aanvraag en het inboekproces.
Wat wij concreet bieden:
- Onafhankelijk advies over de optimale laadstrategie voor jouw locatie, inclusief vermogensplanning en netcapaciteitsanalyse
- Levering en installatie van MID-gecertificeerde laadpalen die direct voldoen aan de ERE-metereisen
- Oplossingen voor locaties met netcongestie, waaronder batterijopslag voor ultrasnelladen zonder zware netbelasting
- Volledige ontzorging van de ERE administratie, inboekregistratie bij de NEa en jaarlijkse verificatieverplichtingen
- Gespecialiseerde HBE en ERE dienstverlening waarmee de businesscase voor laadinfrastructuur aantoonbaar sterker wordt
- Smart Charging technologie voor slim vermogensbeheer op locaties met meerdere laadpunten
Als onderdeel van GP Groot, van origine een gerenommeerde transporteur, weten wij als geen ander wat er praktisch speelt op locaties waar mobiliteit en energie samenkomen. Wil je weten wat de ERE regeling concreet oplevert voor jouw tankstation? Lees meer op onze ERE regeling pagina of neem direct contact met ons op voor een vrijblijvend adviesgesprek.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een inboekdienstverlener en zelfstandig inboeken, en welke optie is het voordeligst?
De keuze hangt af van je jaarlijkse laadvolume: onder de 2 miljoen kWh ben je verplicht via een erkende inboekdienstverlener te werken, daarboven mag je zelfstandig inboeken. Zelfstandig inboeken geeft meer controle en bespaart de servicekosten van een dienstverlener, maar vereist eigen administratieve capaciteit en een jaarlijkse verificatie door een geaccrediteerde partij. Voor de meeste tankstations in de opstartfase is samenwerken met een inboekdienstverlener praktischer, omdat die het volledige administratieve proces uit handen neemt.
Wat gebeurt er als ik mijn ERE's niet op tijd verkoop of de spaarlimiet overschrijd?
ERE's boven de spaarlimiet vervallen automatisch op 1 april, zonder compensatie. De spaarlimiet is 45.000 ERE's of maximaal 4% van de in het afgelopen jaar bijgeschreven ERE's als dat hoger uitkomt. Het is daarom essentieel om je ERE-saldo actief te monitoren en tijdig te verhandelen, bij voorkeur ruim voor de vervaldatum. Een goede administratieve planning of samenwerking met een dienstverlener die dit bewaakt, voorkomt onnodige verliezen.
Kan ik met bestaande laadpalen al beginnen met inboeken, of moet ik eerst nieuwe apparatuur aanschaffen?
In 2026 geldt nog een overgangsregeling: bestaande situaties waarbij de MID-meter zich buiten de laadpaal bevindt, zijn tijdelijk nog toegestaan. Vanaf 1 januari 2027 is dit echter niet meer het geval en moet de MID-gecertificeerde meter zich aan de laadpaal bevinden. Het is dus verstandig om nu al te inventariseren of jouw huidige laadpalen aan de 2027-eis voldoen, zodat je een eventuele vervanging op tijd kunt plannen en geen ERE-opbrengsten misloopt.
Hoe hoog is de marktwaarde van een ERE en hoe kan ik de verwachte opbrengst voor mijn tankstation inschatten?
De marktprijs van een ERE fluctueert en wordt bepaald door vraag en aanbod op de vrije markt, vergelijkbaar met het vroegere HBE-systeem. Als rekenvoorbeeld: 2.000 kWh netstroom levert in 2026 circa 666 ERE's op; bij een marktprijs van bijvoorbeeld €0,10 per ERE is dat €66,60 per 2.000 kWh. Voor een nauwkeurige inschatting van jouw specifieke locatie is het aan te raden een adviesgesprek aan te vragen, waarbij het verwachte laadvolume en de opwekopties worden meegenomen in de berekening.
Telt elektriciteit die via een batterijopslagsysteem wordt geleverd ook mee voor de ERE berekening?
Ja, kilowatturen die via een batterijopslagsysteem aan elektrische voertuigen worden geleverd, tellen gewoon mee voor de ERE-berekening, ongeacht of ze direct van het net of via de batterij komen. Dit maakt batterijopslag een aantrekkelijke oplossing voor tankstations met netcongestie: je kunt toch snelladen aanbieden én ERE's genereren, zonder dat je afhankelijk bent van een zwaardere netaansluiting.
Wat is een Garantie van Oorsprong en wanneer heb ik die nodig voor de ERE regeling?
Een Garantie van Oorsprong (GvO) is een certificaat dat bewijst dat elektriciteit afkomstig is uit een hernieuwbare bron, zoals zonnepanelen. Voor de ERE regeling is een GvO niet-netlevering vereist als je de stroom van eigen zonnepanelen via een directe lijn of op hetzelfde WOZ-object aan voertuigen levert en daarvoor de volledige 100% hernieuwbare beloning wilt ontvangen. De GvO moet worden overgeboekt naar je NEa-account en er mag geen exploitatiesubsidie (zoals SDE++) op de betreffende installatie rusten.
Wat zijn de meest voorkomende fouten die tankstations maken bij de start met de ERE regeling?
De meest gemaakte fouten zijn: te laat beginnen met de registratie bij de NEa waardoor leveringen van 2026 niet meer tijdig kunnen worden ingeschreven voor de deadline van 1 maart 2027, het gebruik van laadpalen zonder correct geplaatste MID-meter, en het niet actief beheren van het ERE-saldo waardoor eenheden boven de spaarlimiet vervallen. Een andere veelvoorkomende misser is het onderschatten van de administratieve verplichtingen, zoals de jaarlijkse verificatie. Door tijdig professioneel advies in te winnen en de deadlines strak te bewaken, zijn deze valkuilen goed te vermijden.